| JANSEN, MARJA |
| Een
aantal jaren geleden maakte Marja Jansen glad geschilderde werken met
afgebakende kleurvlakken, als het ware getekend met een penseel. Keurig
ingekleurde figuren die een speels karakter hebben door de vrolijke kleuren waarmee ze zijn geschilderd. Zeer overzichtelijk en kalm. In latere werken ging Jansen veel wilder te werk. De heldere kleuren bleven maar de verfbehandeling kreeg een heel ander karakter. Schilderijen uit 2000 overvallen je. Het zijn robuuste, overweldigende doeken met dikke lagen olieverf. Je wordt meegesleept in volle composities met draaiende, kolkende vormen en geconfronteerd met felle kleuren. Haar huidige werk is een stuk verfijnder. Verschillende kleuren inkt laat ze vloeien op wit papier. Er komt geen penseel aan te pas; alles vormt zich door het papier te bewegen waardoor de inkt gaat vloeien. Op dit concept borduurt ze voort op grotere doeken. De inkt beweegt zich - onderhevig aan de zwaartekracht - over het oppervlak waarna ze met haar handen vormen stuurt en lijnen aanbrengt. Vergeleken met vroegere werken gaat Jansen veel minimalistischer te werk: ze keert terug naar de essentie van een compositie. Subtiele, abstracte werken zijn het resultaat. De rust is teruggekeerd. Bijzonder is dat
ze hiernaast ook enorme panelen schildert, waarbij ze met verschillende
materialen experimenteert: grootse, weloverwogen composities met donkere
kleuren. Waarbij bijvoorbeeld zand en karton voor een profiel zorgen
en voorwerpen die ze vindt op het strand, in de buurt van haar atelier
in Scheveningen, worden verwerkt. Deze soms kolossale werken staan in
groot contrast met de meer subtiele werken. Hoe komt het toch dat Jansen
zich zo veel verschillende stijlen eigen heeft gemaakt? Het lijkt op
het eerste gezicht voort te komen uit een grote dosis lef om steeds
weer een andere benadering te kiezen. Niet te snel vasthouden aan een
succesformule maar door willen groeien. Verrassend is dat juist twijfel
de reden blijkt te zijn voor de afwisseling in haar schilderijen. Doordat
ze niet snel tevreden is over een werk en iedere keer bij zichzelf te
rade gaat hoe iets beter zou kunnen, zoekt ze steeds naar iets anders,
iets nieuws. Iets dat door haar gevoel wordt ingegeven. Specifieke betekenissen
kent Jansen niet toe aan haar schilderijen. Hoewel het misschien verleidelijk
is deze in haar schilderijen te zoeken omdat diverse symbolen te herkennen
zijn die terugkeren in verschillende werken. Maar de reden dat ze die
gebruikt is meer omdat de vormen haar intrigeren dan dat ze daar een
bedoeling mee heeft. Ze wil de toeschouwer vrij laten zelf te interpreteren.
Zonder beïnvloeding van voorgekauwde betekenissen. Slechts geleid
door de onbekende emotie van de kunstenares, kan de toeschouwer zich
inleven in een werk en een persoonlijke betekenis toekennen. Wat Jansen
wil bereiken is dat een schilderij goed in elkaar zit qua compositie,
vorm en kleur. Door de juiste balans te vinden verkrijgt een werk zijn
schoonheid. Een werk moet mensen boeien en vooral blijven boeien. Je
moet het dichtbij je willen hebben omdat het iets met je doet. Een kunstwerk
als sieraad. |