| VETERE, GIOVANNI |
|
Het kleine dorpje benauwt Vetere en op 17-jarige leeftijd besluit hij te vertrekken. Hij komt terecht in Turino waar hij alleen in aanmerking komt voor ongeschoold werk daar hij nauwelijks een opleiding heeft genoten. Hij pakt van alles aan en stuurt de helft van zijn geld naar huis. Als hij negentien is keert hij terug naar zijn geboortedorp. Vetere moet in militaire dienst maar blijkt al snel niet opgewassen te zijn tegen het zware regime. Om daar onderuit te komen tekent hij een contract om tien jaar in Duitsland te gaan werken. In 1968 ontmoet hij
zijn vrouw en vier jaar later krijgen ze een dochter. Met de waterverf
die zijn vrouw voor hun dochter koopt, schildert Vetere dieren. Aangemoedigd
door zijn vrouw spendeert hij meer en meer tijd aan het schilderen. De
kost verdient Vetere in een fabriek. In 1973 heeft hij dan zijn eerste
expositie in Troisdorf. Hij gaat ook musea bezoeken en leert zichzelf
allerlei technieken aan en experimenteert met materialen. In 1975 besluit
hij om zelf een galerie te beginnen. Op de eerste verdieping van zijn
huis exposeert hij zijn eigen werk en geeft hij beginnende kunstenaars
de kans om zich te presenteren. Een jaar later begint hij ook met het
maken van beelden. Op een dag verminkt hij helaas zijn hand als hij aan
een houten beeld werkt. De hand is lange tijd onbruikbaar en Vetere begint
schilderijen te maken met behulp van zand. Zo ontstaat er reliëf
in zijn schilderijen. Regelmatig zijn er
over de hele wereld exposities van zijn werk. |